Wanneer steden en gemeenten de inventaris opmaken van hun gronden, stoten ze soms op pachters die de pensioenleeftijd bereikt hebben. Wat mag je doen? Wat moet je doen? En hoe ga je om met situaties waarin de pachter de gronden doorverhuurt, soms aan hogere prijzen? Het zijn vragen die regelmatig terugkomen. Hier lijsten we de te nemen stappen even voor je op.
Pensioenleeftijd betekent niet automatisch pensioen
Belangrijk om te weten: het bereiken van de wettelijke pensioenleeftijd (momenteel 67 jaar) betekent niet dat een landbouwer effectief met pensioen is. Sommige landbouwers blijven langer actief, en dat mag. Toch zijn er situaties waarin de pachter wel met pensioen blijkt en de grond aan een hogere prijs onderhands doorverhuurt aan derden. Lokale besturen willen dat – terecht – vermijden op publieke grond.
Nieuwe mogelijkheden dankzij het Vlaams Pachtdecreet
Sinds de hervorming van de Pachtwet in 2023 zijn er meer mogelijkheden om hier als verpachter op in te spelen. Een pachtcontract kan nu worden opgezegd als er aan drie voorwaarden is voldaan:
✅ De pachter heeft de wettelijke pensioenleeftijd bereikt
✅ De pachter ontvangt een rust- of overlevingspensioen
✅ Er is geen bevoorrechte overnemer
Om de situatie van de pachter te kennen, kan je actief informatie opvragen. Zodra de pachter de pensioenleeftijd bereikt, mag je hem via een aangetekende brief vragen of hij een pensioen ontvangt. De pachter heeft vervolgens 60 dagen de tijd om aan te tonen dat hij geen pensioen ontvangt en nog actief landbouwer is, of om bevoorrechte familieleden aan te duiden die het bedrijf zullen verderzetten. Kan hij dit niet? Dan wordt ervan uitgegaan dat hij met pensioen is, en kan de pacht worden opgezegd.
De inventaris als vertrekpunt
De leeftijd van de pachters is dus een belangrijk element van een goede grondeninventaris. Zo kan je als lokaal bestuur eenvoudig opvolgen wie de pensioenleeftijd bereikt. Vanuit dat overzicht kan je vervolgens gericht informeren naar het al dan niet ontvangen van een pensioen of naar bevoorrechte overnemers.
Hoe stel je een goede brief op?
Een goede brief bevat minstens:
✅ Een korte toelichting waarom de landbouwer de brief ontvangt (eventueel met verwijzing naar artikel 13 van het Vlaams Pachtdecreet)
✅ De vraag om aan te tonen dat de landbouwer geen rust- of overlevingspensioen ontvangt en nog bedrijvig is, of om een bevoorrechte overnemer aan te wijzen
✅ De uitdrukkelijke vermelding dat, bij gebrek aan bovenstaande bewijzen, wordt aangenomen dat de pachter met pensioen is en de pacht zal worden opgezegd
✅ Een contactpersoon met kennis van zaken, bij wie de landbouwer terecht kan met vragen en bezorgdheden
Kies daarbij voor duidelijke en toegankelijke taal, en vermijd een puur juridische toon.
En koppel de communicatie aan je visie op grond. De brief hoeft geen louter administratieve oefening te zijn. Het is ook een kans om je bredere visie als bestuur te delen. Wil je met publieke grond bijvoorbeeld kansen creëren voor jonge of nieuwe landbouwers? Dan helpt het om die ambitie mee te nemen in je communicatie. Dat zorgt voor meer begrip en openheid bij pachters.
Meer info & voorbeelden
Hier vind je een voorbeeld van een brief van Stad Aalst
De mogelijkheden rond opzeg van pensioenboeren vind je terug in artikel 13 van het Vlaams Pachtdecreet
Heb je nog geen goede grondeninventaris? Schrijf je in voor onze gratis opleiding inventarisatie, maandelijks online