Hoeveel publieke landbouwgrond heeft jouw gemeente in bezit? Hoe wordt die grond vandaag beheerd? En hoe zie je de toekomst voor publieke gronden? We vroegen het aan onze sympathisanten via de nieuwsbrief en via enkele partnerkanalen. 123 mensen deelden hun kennis, bezorgdheden en verwachtingen. Hun antwoorden geven een eerste beeld van de kennis over publieke gronden bij burgers.

Vijf belangrijke lessen. 

Infographic bevraging

1. Heel wat mensen weten niet of hun gemeente publieke landbouwgrond bezit en wat ermee gebeurt 

Bijna twee derde van de deelnemers gaf aan dat ze niet weten of er publieke landbouwgrond aanwezig is in hun gemeente. Aangezien de bevraging vooral werd ingevuld door mensen die al actief met de thematiek van toegang tot grond bezig zijn, is dit bijna zeker een onderschatting van de kennis bij het brede publiek. Bovendien weet 79% van de bevraagden niet wat er gebeurt met publieke gronden die vrijkomen van pacht.

Dat hoeft niet te verbazen. Het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO) publiceerde in 2024 een lijvig rapport waarin publieke landbouwgronden in kaart werden gebracht. Toch is het zeker nog niet voor elke gemeente duidelijk hoeveel grond er in publiek bezit is, waar die zich bevindt (heel wat steden hebben ook grond buiten hun grondgebied) en wie de grond bewerkt.

Ook over de manier waarop de gronden door de gemeente worden beheerd, is weinig geweten. 79% weet niet of en hoe vrije gronden ter beschikking worden gesteld. Voor lokale besturen is dat een gemiste kans. Door publieke gronden in te zetten voor landbouw met maatschappelijke meerwaarde, kunnen heel wat beleidsdoelen gerealiseerd worden

Zelfs als een lokaal bestuur geen voorwaarden aan de landbouwers wil opleggen en de teeltvrijheid wil vrijwaren, is transparantie over het ter beschikking stellen van vrijkomende gronden eigenlijk een minimum. Ook wanneer een gemeente besluit om gronden te verkopen, gebeurt dat best op een transparante manier.

2. Burgers verlangen actieve inspraak en open dialoog

88% van de bevraagden vindt het belangrijk om inspraak te krijgen over de toekomst van publieke gronden. Dat biedt kansen: wanneer inwoners constructief willen meedenken, kan een bestuur beleid ontwikkelen dat sterker verankerd is, breder gedragen wordt en minder weerstand oproept. Dat hoeft niet ingewikkeld te zijn: een participatiemoment of een toegankelijke toelichting kan al veel transparantie creëren.

3. Er is draagvlak voor landbouw met ecologische (en sociale) meerwaarde

93% van de respondenten vindt dat publieke landbouwgrond moet worden ingezet voor landbouw die ecologische en indien mogelijk sociale meerwaarde levert. Gevraagd wat er dan met de gronden zou moeten gebeuren, zijn de populairste keuzes: verpachten aan een lokale boer die moet voldoen aan een aantal duurzaamheidscriteria, en inzetten voor tewerkstellingstrajecten en zorgboeren. Belangrijke maatschappelijke diensten die publieke gronden kunnen leveren zijn voor de respondenten biodiversiteit, lokale voedselproductie en gezonde voeding.

Er zijn ook mensen die liever niet zien dat er gestuurd wordt in de manier waarop publieke landbouwgronden gebruikt worden. Voor hen is teeltvrijheid voor de boer een belangrijk argument om geen voorwaarden op te leggen.

4. Verkoop van publieke landbouwgrond stuit op weerstand

65% van de bevraagden is niet akkoord dat de gemeente grond moet kunnen verkopen om de begroting op orde te houden. Dat percentage zakt naar 55% wanneer wordt verduidelijkt waarvoor het geld nodig is, bv voor een woonzorgcentrum. Toch heeft een kleine meerderheid moeite met de verkoop van publieke landbouwgrond. Als verkoop al aanvaardbaar is, dan enkel met voorwaarden die de maatschappelijke waarde beschermen.

Die bezorgdheid is logisch. Eenmaal verkocht, is grond moeilijk opnieuw te verwerven. Bovendien wordt publieke landbouwgrond steeds schaarser, terwijl de belangen –voedselproductie, waterbeheer, klimaatadaptatie, sociale economie - steeds groter worden.

5. Inventarisatie en transparante communicatie zijn een basisvoorwaarde voor goed bestuur

Bij twee stellingen waren alle bevraagden akkoord: Mijn gemeente moet goed weten welke gronden ze bezit om haar patrimonium goed te kunnen beheren, en mijn gemeente moet helder communiceren naar haar burgers welke gronden ze bezit en voor welk doel ze gebruikt worden. Transparantie als basisvoorwaarde voor goed bestuur, dus.

Dat lijkt heel logisch, maar een goede inventaris is zeker niet in elke gemeente zomaar voorhanden. De landbouwgronden zijn vaak al vele honderden jaren publiek eigendom, en doorheen de jaren of bij digitalisatie van de archieven loopt er al eens iets mis. Met de toegenomen aandacht voor de thematiek, werken steeds meer gemeenten aan een grondige inventaris, maar dat vraagt tijd en middelen die niet altijd beschikbaar zijn. 

 

Van inzicht naar actie

De Landgenoten wil publieke landbouwgrond zo veel mogelijk op de agenda krijgen bij lokale besturen, zodat ze op zijn minst weten welke gronden ze bezitten en wat dat kan betekenen voor hun beleid. Dat doen we liefst samen met burgers, maar er is duidelijk nood aan meer informatie voor het brede publiek en transparantie vanuit de lokale besturen. Daar zetten we de komende jaren volop op in!

Wil je zelf actie ondernemen? Je kan ons aanbod voor lokale besturen onder de aandacht brengen van je gemeentelijke administratie. Of neem een kijkje op onze pagina met tips om zelf meer te weten te komen over publieke gronden in je gemeente.