Voor ons voedsel op tafel komt heeft het een lange weg afgelegd. Het traject van zaad tot maal is lang en ingewikkeld en onderhevig aan invloeden van klimaat, economie, cultuur en natuur. Een centraal onderdeel van het hele voedselsysteem is de grond waarop de gewassen groeien of het vee graast en wordt in twee recente boeken van eigen bodem onder de loep genomen.
Milieudenker Dirk Holemans is de coördinator van Oikos, een denktank voor sociaal-ecologische verandering. In 'Grondgenoten' houdt hij een vurig pleidooi voor een agro-ecologische benadering van onze voedselproductie. Hij is daarin niet alleen. Een beleidsadvies van het ILVO aan de Vlaamse overheid uit 2024 schreef: 'Verschillende studies wijzen erop dat landbouwgrond in Vlaanderen een schaars en duur goed is. Als beleidsmakers meer landbouwers bereid willen krijgen tot agro-ecologische landbouwproductie, is er voor de overheid een belangrijke taak weggelegd om meer controle uit te oefenen over de beschikbaarheid van schaarse productiegoederen voor agro-ecologische landbouw.' Holemans plaatst deze bekommernis in een breed perspectief en pleit voor een maatschappelijke verandering waarbij boeren en burgers bondgenoten worden, verenigd rond of met de grond waarop het voedsel dat wij samen eten wordt geteeld.
Agro-ecologie is een vrij los gedefinieerd concept dat weliswaar geïnspireerd is door de wetenschap van de ecologie maar sterk gedreven wordt door sociale waarden, zoals voedselsoevereiniteit, behoud van lokale kennis, identiteiten en culturen, rechtvaardigheid en recht op lokale en inheemse zaden en rassen. In 'Grondgenoten' volgt Holemans een bevlogen en persoonlijk spoor via talrijke ontmoetingen met agro-ecologische pioniers en bezoeken aan dito projecten. Hier spreekt een man die zich met hart en ziel wil inzetten voor een 'voedselrevolutie' die via systemische innovatie zou moeten leiden tot een rechtvaardiger en gezondere leefwereld, gebaseerd op meer respect voor de grond waarop ons voedsel groeit.
Ook in het tegelijkertijd verschenen 'Het komt goed met ons eten' onderschrijven Nele Jacobs en Joris Relaes, van het Instituut voor Landbouw, Visserij en Voedingsonderzoek, hun visie op landbouw en voedsel van de toekomst. Beide boeken vertolken waardevolle stemmen in het maatschappelijke debat over de toekomst van de voedselproductie. Naast de agro-ecologie zien Jacobs en Relaes een belangrijke plaats voor technologie en innovatie zoals precisiefermentatie, verticale landbouw, automatisering, beheersing van onkruid en plagen of genetische technieken. In de tientallen labs, proefvelden, kweekbatterijen, agrobedrijven en onderzoekskassen gaan ze op zoek naar de vernieuwende inzichten en technieken die de landbouw en voedselproductie in de komende tien jaar kunnen gaan vorm geven.
Jacobs en Relaes schreven zonder te veel vakjargon een constructief boek waarin bodem, plant, dier en vis naast boer en burger, industrie en distributie elk hun rol spelen in wat er uiteindelijk op tafel komt. Daarbij gaan ze scherpe en gefundeerde kritiek op het beleid en de ongewenste effecten van de zogenaamd vrije markt niet uit de weg. In het slotwoord citeren ze Louise O. Fresco: 'Vooruitgang is geen rechte lijn van perfecte oplossingen, maar een schaatsbeweging die telkens om correctie vraagt.' Het is een kwestie van de handen aan de ploeg te slaan en de krachten te bundelen waarbij iedereen een stuk verantwoordelijkheid moet opnemen om al lerend vooruitgang te boeken: onderzoekers, toeleveranciers, boeren, verwerkers, supermarkten net zo goed als de consumenten. De troeven zijn groot, de uitdagingen ook.
Belang van landbouwgrond
Allebei deze boeken onderstrepen het belang van landbouwgrond. De bodem louter als een substraat beschouwen waar je alles op kan produceren met voldoende mest en gewasbeschermingsmiddelen is niet duurzaam. Inmiddels beseffen we weer dat de bodem een complex ecosysteem is en dat we zorg moeten dragen voor het bodemleven. Het pad naar een ecologisch en dus maatschappelijke verantwoorde landbouw loopt over en door de grond waarvan wij eten.